Vraag om uitleg van de heer Roland Van Goethem tot mevrouw Fientje Moerman, vice-minister-president van de Vlaamse Regering, Vlaams minister van Economie, Ondernemen, Wetenschap, Innovatie en Buitenlandse Handel, over de vertragingen in de uitvoering van de ondernemingsconferentie
De voorzitter: Aan de orde is de vraag om uitleg van de heer Van Goethem tot mevrouw Moerman, vice-minister-president van de Vlaamse Regering, Vlaams minister van Economie, Ondernemen, Wetenschap, Innovatie en Buitenlandse Handel, over de vertragingen in de uitvoering van de ondernemingsconferentie.
De heer Van Goethem heeft het woord.
De heer Roland Van Goethem: Mevrouw de voorzitter, mevrouw de minister, we mogen zeggen dat ondernemend Vlaanderen ongeveer dagelijks de verlammende werking van de overdaad aan papier, van de administratieve rompslomp en van de lange wachttijden voor het bekomen van de nodige vergunningen voelt.
De strijd tegen deze rompslomp, of beter gezegd de strijd voor de administratieve vereenvoudiging, doet veel inkt vloeien. Mevrouw de minister, we zien regelmatig van u iets in de pers verschijnen, en horen soms iets op televisie, maar in de praktijk verandert er bitter weinig of niets.
In een artikel van 11 april 2005 in De Tijd, met als titel Uitvoering ondernemingsconferentie stokt, kunnen we ter bevestiging van die stelling nog eens lezen dat de uitvoering van de ondernemingsconferentie alles behalve vlot, om niet te zeggen steeds maar trager, verloopt. Dit project was nochtans een van de grote stok- en paradepaardjes van de vorige Vlaamse Regering, en ook van uw partijgenoot de heer Somers. De geplande maatregelen lopen achterstand op, en de administratieve vereenvoudiging waar het bedrijfsleven naar hunkert, loopt het moeizaamst.
De beleidsnota Economie, Ondernemen, Wetenschap, Innovatie en Buitenlandse Handel 2004- 2009 stelt duidelijk dat Vlaanderen tegen 2009 een van de meest performante regios van Europa moet zijn, en dat meer performantie gepaard gaat met meer administratieve vereenvoudiging.
Van alle maatregelen die werden genomen tijdens de ondernemingsconferentie, lopen er vier op tien ernstige vertraging op of worden volledig uitgesteld. Het Vlaams Agentschap Ondernemen moest in november worden opgestart. Tot op heden is er nog steeds niets. De bedrijven moeten dezelfde informatie nog steeds meerdere keren aan de overheid meedelen. Ook op de samensmelting van de bouw- en milieuvergunningen is het nog steeds wachten. De inkomensverzekering voor startende ondernemers, een voorstel van toenmalig minister-president Somers, laat ook nog steeds op zich wachten. Eenzelfde lot is de Talentenbank beschoren.
Het regeerakkoord maakt duidelijk melding van een accountmanager, namelijk een ambtenaar als uniek aanspreekpunt voor de ondernemer bij het opstarten van een onderneming of de behandeling van investeringsdossiers. Deze accountmanager zou een personeelslid zijn van het Vlaams Agentschap Ondernemen, dat een overheidsloket zou zijn. Mevrouw de minister, hebt u ondertussen een verklaring voor het feit dat het Vlaams Agentschap Ondernemen nog steeds niet is opgericht, terwijl de start was gepland voor november 2004? Welke maatregelen hebt u genomen om de opvolging van de geplande maatregelen te controleren en te versnellen?
Mevrouw de minister, hoe verklaart u dat de internetsite www.ondernemingsconferentie.be, met een statusoverzicht van de lopende maatregelen van de ondernemingsconferentie, sinds 31 december 2004 stilligt, en er sindsdien geen enkele aanpassing meer is gebeurd? Dat alles gebeurt op een moment dat zo vaak wordt gesproken over de genformatiseerde maatschappij. Heeft deze stopzetting een bepaalde reden? Zo ja, welke?
De Vlaamse Talentenbank nog een pijnpunt vloeit eveneens voort uit de ondernemingsconferentie. De Talentenbank heeft als opdracht de innovatieve businessideen van talentvolle kandidaat- ondernemers te valideren, hen te begeleiden bij de omzetting van hun idee in een bedrijf en hen ten slotte bij te staan bij het bekomen van opstartfinanciering. Dit project ligt eveneens totaal stil, omdat de betaling van de oorspronkelijk ingeschreven gelden in het Hermesfonds in de begroting tot nul zijn herleid. Mevrouw de minister, welke gevolgen verwacht u terzake? Werd het idee volledig begraven, of zijn er concrete actieplannen? Zo ja, welke?
Ik wil nog even terugkomen op de tijd die de betrokkenen nodig heeft voor de administratieve rompslomp. Onlangs verscheen een studie, waaruit blijkt dat en ik verwijs dan wel naar het federale regeerakkoord in Belgi de procedure gemiddeld 3 dagen zou mogen duren. Als dat voor Belgi zo is, geldt dit ook voor Vlaanderen.
Op dit moment zijn er 34 dagen nodig om een bedrijf op te starten. In Nederland en Frankrijk zijn respectievelijk 11 en 8 dagen nodig. In Denemarken lukt het op 4 dagen. Als we echt snel willen zijn: in Australi is alle rompslomp binnen 48 uur achter de rug.
Mevrouw de minister, we praten al lang over e-government en de inkrimping van de administratieve beslommeringen. Ik vraag me af waarom we dan geen beter resultaat boeken.
De voorzitter: De heer Van den Heuvel heeft het woord.
De heer Koen Van den Heuvel: Mevrouw de voorzitter, mevrouw de minister, ik wil ons standpunt daarover even toelichten. We delen natuurlijk de bekommernis van de heer Van Goethem, maar dat zal iedereen doen. Het economische draagvlak moet worden verstevigd, en we moeten ondernemingen meer ademruimte geven.
Ik wil wel enkele opmerkingen maken. Mijnheer Van Goethem, u weet evengoed als ik dat een regeerperiode 5 jaar duurt. De uitvoering van het regeerakkoord moet natuurlijk niet tijdens de eerste 5 maanden gebeuren. Een beetje geduld inzake de integratie van de milieu- en bouwvergunning en de invoering van de integrale milieuvoorwaarden is nodig. Mevrouw de minister, ik denk dat minister Peeters aan de slag is en daarover met u overlegt. Een en ander kan niet allemaal tijdens de eerste maanden van een regeerperiode gebeuren. Mevrouw de minister, u hebt trouwens al initiatieven genomen: het ARKimedesfonds en het Vlaams Innovatiefonds zijn ondertussen op gang gekomen.
In het regeerakkoord staat dat we het economische beleid willen voortzetten. Er is voor een deel continuteit, maar er is ook evaluatie gepland, onder andere van de initiatieven die tijdens de ondernemingsconferentie werden vooropgesteld. De ondernemingsconferentie vond plaats tijdens de vorige legislatuur. Er zijn heel wat nuttige en interessante zaken in terug te vinden, maar ik denk dat de ene maatregel al efficinter en daadkrachtiger is dan de andere. Het is gepast om niet blindelings alles van de ondernemingsconferentie uit te voeren.
Mijnheer Van Goethem, u hecht bijvoorbeeld veel belang aan de Talentenbank. Dat is een nuttig instrument, maar ik vraag me af of dat de grootste prioriteit is. Ik denk veeleer aan de vriendenlening. In Nederland heet dat de tante Agaathlening, maar we zouden het suikertantelening kunnen noemen. Dat ligt ons nader aan het hart dan de Talentenbank, want dat is niet het juiste voorbeeld van een instrument dat het meest efficint kan worden ingezet en holderdebolder moet worden ingevoerd.
De middelen zijn beperkt, ook voor het verstevigen van het economische draagvlak. Het komt erop aan de middelen op de meest efficinte manier in te zetten. Mevrouw de minister, worden initiatieven genomen voor de vriendenlening? Binnen welke tijdspanne zal dat gebeuren?
De voorzitter: Minister Moerman heeft het woord.
Minister Fientje Moerman: Mevrouw de voorzitter, collegas, ik wil eerst enige toelichting verschaffen bij de bevoegdheden van de diverse beleidsniveaus en de bevoegdheidsverdeling binnen de Vlaamse overheid.
Mijnheer Van Goethem, u zegt terecht dat de regels voor de oprichting van een onderneming een federale bevoegdheid zijn. U hebt ook een aantal cijfers vermeld, maar eigenlijk moet u mij daar niet over bevragen. Ik wil de meest recente cijfers meegeven. Bij de oprichting van de ondernemingsloketten en geloof me, ik weet dat de oprichting van de Kruispuntbank van Ondernemingen 2 jaar geleden heel wat voeten in de aarde had duurde het in Belgi 56 dagen om een onderneming op te richten.
Mijnheer Van Goethem, op dit moment bedraagt deze termijn niet 34 dagen, zoals u zegt, maar is die gedaald tot 26 dagen. In juli 2005 wordt het in een aantal notariskantoren, die blijkbaar proefdraaien, 3 dagen. Volgens de informatie van de verantwoordelijken zal een en ander tegen eind dit jaar overal in Belgi 3 dagen bedragen. Ik zeg dat natuurlijk onder voorbehoud van bevestiging, maar misschien moet een van uw federale collegas de verantwoordelijke federale minister of staatssecretaris daarover ondervragen.
We hebben hier een ongelooflijke vooruitgang geboekt, als we weten wat een monsterdossier de oprichting van de Kruispuntbank van Ondernemingen en de ondernemingsloketten was. Ik ga niet in op de details, maar als men tegelijkertijd de regelgeving, de hardware en de manier waarop elektronische toegang wordt verschaft, wijzigt en die drie componenten van vandaag op morgen samen doet functioneren , is dat een quasi onmogelijke opgave. Ik denk dat de toenmalige verantwoordelijken er gezamenlijk hun schouders onder hebben gezet, en dat de zaak goed begint te draaien.
Belgi heeft van een aantal internationale organisaties op het vlak van administratieve vereenvoudiging goede punten gekregen. Ik dacht zelfs een bronzen medaille, maar ik ben niet zo thuis in sporttrofeen. Administratieve vereenvoudiging is een bevoegdheid van minister Bourgeois. Mijnheer Van Goethem, de algemene vragen over de administratieve vereenvoudiging moet u dus aan minister Bourgeois stellen. Ik wil wel zeggen dat op dit moment aan elke beslissing die op de agenda van de Vlaamse Regering komt een reguleringsimpactanalyse wordt gehecht. Dat is een novum dat nu is veralgemeend.
Binnen het departement Economie, Werkgelegenheid, Binnenlandse Aangelegenheden en Landbouw van het Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap is de administratie Economie, die onder mijn bevoegdheid valt, een pilootproject voor de administratieve vereenvoudiging. De administratie is erin geslaagd om, door de aanvragen voor de groeipremies elektronisch mogelijk te maken, 8 miljoen euro te besparen. De Kenniscel Wetsmatiging, die niet onder mijn bevoegdheid valt, heeft de administratie Economie als voorbeeld gesteld. Dat vind ik echt wel een prestatie.
Mijnheer Van Goethem, u hebt het ook even gehad over e-government. De ombudsman was n van de eerste mensen die me na de vorming van de Vlaamse Regering heeft bezocht. En van zijn opmerkingen was dat we voor aanvragen niet meer toegankelijk zijn op een niet elektronische manier. Dat is een bewuste keuze, want we hebben niet met burgers, maar met bedrijven te maken. Het is een bewuste keuze om de e-governmenttoepassingen te veralgemenen en als enige toegang te behouden. De administratie Economie is daarin ver gevorderd, maar het kan natuurlijk altijd beter.
In het regeerakkoord engageert de Vlaamse Regering er zich inderdaad toe om een uniek aanspreekpunt voor de ondernemer te realiseren. Het zogenaamde VLAO-decreet dateert nog van het einde van de vorige legislatuur. Binnen twee weken wordt de principenota over de uitwerking van het VLAO-decreet aan de Vlaamse Regering voorgelegd. De timing voor de realisatie is afgestemd op de implementatie van de bestuurlijke hervormingen BBB , waarvoor 1 januari 2006 de startdatum is.
De oprichting van het VLAO past in het streven naar administratieve vereenvoudiging door middel van de single access, multiple back office benadering. Een aantal diensten hadden bij het begin van de legislatuur het idee om elk voor hun dienst een uniek loket op te richten voor ondernemers. Ik heb dat stopgezet, en heb alle initiatieven gentegreerd binnen het VLAO-concept. Het is voor de ondernemer van weinig belang dat zowel dienst a, dienst b als dienst c een uniek loket creren. Op het einde van de rit is er dan geen sprake meer van een uniek loket.
VLAO moet voor mij een unieke toegangspoort worden voor ondernemingen. Per provincie zullen er aanspreekpunten zijn met gespecialiseerde ambtenaren van de beleidsdomeinen internationaal ondernemen, innovatietechnologie en economie, maar ook van energie en milieu. Daar zal ook het concept van de accountmanager gentroduceerd worden. Een onderneming zal dus niet meer alle administraties ook al zijn ze gedecentraliseerd moeten doorlopen. Er zal iemand het dossier van het bedrijf beheren, onafhankelijk van de aspecten waarvoor het bedrijf zich tot de overheid wendt.
Dat is, vanuit het oogpunt van de werking van de overheid en de gebruiksvriendelijkheid voor de ondernemingen, een geweldige stap vooruit. Idealiter is er een volledig uniek loket, en kan dat worden gentegreerd met bijvoorbeeld de ondernemingsloketten. Dat is toekomstmuziek, want daarvoor hebben we te maken met andere beleidsniveaus. Er zal nog heel wat tijd verstrijken vooraleer die onderhandelingen afgerond zullen zijn. We mogen het ultieme doel niet uit het oog verliezen, meer bepaald dat het voor de ondernemers single access wordt, wat ook het achterliggende beleidsniveau is.
De algemene cordinatie van de ondernemingsconferentie wordt verzorgd door de minister president. Niettegenstaande alle opgenomen maatregelen in enge of ruime zin het ondernemerschap positief stimuleren, zijn er heel wat initiatieven die niet onder mijn bevoegdheid ressorteren. Voor de inhoudelijke realisatie en update van die maatregelen moet u zich wenden tot de bevoegde Vlaamse minister.
Ik geef graag de stand van zaken van de initiatieven die wel onder mijn bevoegdheid vallen. Inzake het preventief bedrijfsbeleid is in het VLAO-decreet bepaald dat de nadere regels moeten worden gewaarborgd binnen de dienstverlening van het VLAO. Dit beleid zal door de Vlaamse Regering worden vastgelegd na overleg met de SERV. Het overleg is gepland na de goedkeuring van het eerder aangehaalde voorstel van uitwerking van het VLAO-decreet, dat op 13 mei door de Vlaamse Regering wordt besproken.
De Federatie Voedingsindustrie Vlaanderen heeft 308.750 euro overheidsfinanciering gekregen ingevolge beslissingen van de Vlaamse Regering van 28 mei en 4 juni 2004 voor het voortraject voor de oprichting van een innovatiecentrum voor de Vlaamse Voedingsindustrie. Fevia Vlaanderen heeft in het najaar van 2004 een directeur aangeworven om het businessplan voor de competentiepool Flanders Food uit te werken tegen eind mei 2005. Het dossier zal eerstdaags worden ingediend bij het Instituut voor de aanmoediging van Innovatie door Wetenschap en Technologie in Vlaanderen.
Inzake de excellentiepool productontwikkeling en industrieel design kan ik zeggen dat de vorige Vlaamse Regering op 4 juni 2004 besliste enkel akte te nemen van het integrale concept zoals opgesteld door de initiatiefnemers van Industrie Vlaanderen. Daarnaast werd vanuit het Hermesfonds een subsidie toegekend van 168.750 euro aan de vzw Meubelinnovatie Cluster, Febelhout, om het concept verder uit te werken. Op 18 maart 2005 heeft de stuurgroep productontwikkeling een externe consultant aangesteld in dit dossier. De opdracht van de consultant bestaat erin alle componenten te integreren tot n gecordineerde actie en te voorzien in een coherent businessplan.
Tegen eind juni 2005 moet een coherent actie- en businessplan worden ingediend voor de competentiepool productontwikkeling en industrieel design. De evaluatie door het IWT kan dan gebeuren in juli en augustus, om in de loop van september 2005 tot een beslissing te komen.
De analyse Eerste verkenning van de opportuniteiten van loonmaatregelen voor O&O-personeel van bedrijven op federaal of op Vlaams niveau, die werd uitgevoerd door het IWT, werd bezorgd aan toenmalig Vlaams minister van Innovatie Van Mechelen.
Deze analyse had vooral tot doel de elementen die voor verdere analyse in aanmerking komen te introduceren en te toetsen, en enkele denksporen te lanceren die kunnen worden uitgediept in het kader van een structureel overleg met de federale overheid. Binnenkort zal een Interministerieel Comit voor Wetenschapsbeleid plaatsvinden.
In het in maart 2003 afgesloten Innovatiepact engageren de Vlaamse overheid, de kennisinstellingen en de bedrijven zich tot het behalen van de Europese Barcelona doelstellingen tegen 2010. We weten langzamerhand allemaal wat dat betekent: Vlaanderen moet 3 percent van het bruto regionaal product investeren in onderzoek en ontwikkeling, waarbij een derde van de inspanningen van de overheid moet komen en twee derde van de bedrijfswereld.
Tijdens de ondernemingsconferentie werd voorgesteld het Innovatiepact versneld uit te voeren tegen 2007. Het regeerakkoord stelt dat het Innovatiepact correct zal worden uitgevoerd, wat betekent dat de 3-percentnorm zal worden bereikt in 2010.
De Vlaamse overheid engageert zich in het Innovatiepact om jaarlijks minstens 60 miljoen euro extra uit te trekken voor onderzoek en ontwikkeling. Voor 2004 werd deze doelstelling gehaald, er was een stijging met 102 miljoen euro. In de begroting 2005 zijn extra middelen voor onderzoek en ontwikkeling uitgetrokken voor een bedrag van 130 miljoen euro, waaronder 55 miljoen euro extra recurrente middelen en 75 miljoen euro voor het Vlaams Innovatiefonds, waarover de beslissing morgen op de agenda van de Vlaamse Regering staat.
Mijnheer Van den Heuvel, wat betreft de vriendenlening kan ik u meedelen dat het voorontwerp van decreet klaar is. Het is onze bedoeling het eind mei aan de Vlaamse Regering voor te leggen.
Met betrekking tot de Talentenbank werd in uitvoering van de beslissing van de vorige Vlaamse Regering van 7 mei 2004 een bedrag van 10 miljoen euro uitgetrokken op het Fonds voor Flankerend Economisch Beleid. Het bedrag werd nog niet overgemaakt aan de Participatiemaatschappij Vlaanderen, omdat het door de vorige Vlaamse Regering goedgekeurde concept aan een ex ante evaluatie werd onderworpen. Immers, naar aanleiding van de besluitvorming van de Talentenbank formuleerde de Inspectie van Financin voorbehoud, in die zin dat zij het idee van de Talentenbank weliswaar interessant achtte, doch niet rijp voor echte besluitvorming. De resultaten van deze evaluatie zullen in rekening worden gebracht.
Tot hier de opsomming over de ondernemingsconferentie. Er zijn ondertussen ook andere maatregelen uitgewerkt. Over het Innovatiefonds heb ik het al gehad. Ook de ARKimedesregeling wordt operationeel. De ophaling van de enqute bij het grote publiek is gepland voor half juni. De operationalisering voor de KMOs is gepland voor het najaar. Dan kunnen de dossiers worden ingediend. Ook de waarborgregeling is geoperationaliseerd.
Ik denk dat we voor de verbetering van het ondernemingsklimaat en het creren van een flankerend beleid, dat oplossingen moet bieden voor een aantal prangende problemen van ondernemingen, goed werk hebben geleverd. Bedrijven konden ofwel geen financiering krijgen omdat er geen financiering was het ARKimedesfonds , ofwel geen financiering krijgen omdat er niet voldoende waarborgen werden gesteld. Dat waren twee prioriteiten, en twee maatregelen die al verschillende keren waren aangekondigd en verschillende besluitvormingsstadia hadden doorlopen. Hier moest absoluut prioriteit aan worden gegeven als we ondernemingen de mogelijkheid willen geven om aan de broodnodige financiering te komen bij de opstart en de verdere ontwikkeling van een bedrijf.
De waarnemend directeur-generaal van de administratie Economie want dit wordt in eerste instantie door de administratie opgevolgd heeft het probleem van de laattijdige update van de internetsite over de ondernemingsconferentie aangekaart op de directieraad van het departement Economie, Werkgelegenheid, Binnenlandse Aangelegenheden en Landbouw. De secretaris-generaal van het departement EWBL zal het nodige doen om de website te laten actualiseren. De diverse daarmee belaste administraties werden ondertussen aangeschreven.
De voorzitter: De heer Van Goethem heeft het woord.
De heer Roland Van Goethem: Mevrouw de minister, ik vraag me af of ik ook de heer Van den Heuvel moet bedanken, want hij heeft een deel van het antwoord voor zijn rekening genomen.
Als enkel nog een elektronische toegang mogelijk is, kan ik me voorstellen dat dit voor de meeste bedrijven geen probleem is, maar ik stel me toch de vraag of echt kleine bedrijven hierdoor geen problemen kunnen ervaren.
Mevrouw de minister, het is me vooral opgevallen dat u denkt dat we met betrekking tot de subsidies voor onderzoek en ontwikkeling tegen 2010 de 3-percentnorm zullen halen. Ik vraag me af of alles niet too little, too late is. Als we de huidige evolutie van de tewerkstelling in Vlaanderen bekijken, stellen we een daling vast: er komen werklozen bij en de tewerkstelling daalt.
Jammer genoeg lopen we weer vast op de verschillen tussen het federale en het regionale niveau. We kunnen geen enkele maatregel nemen die invloed heeft op de loonkost. We kunnen flankerend werken, bijvoorbeeld door onderzoek en ontwikkeling te bevorderen, maar dat is de enige mogelijkheid die we hebben om nieuwe impulsen te creren. Als een en ander pas op kruissnelheid is tegen 2010, lopen we een beetje achter de feiten aan.
De oprichting van de Talentenbank zal afhangen van de evaluatie. Mevrouw de minister, wat zal met het gereserveerde budget gebeuren als de Talentenbank niet wordt opgestart?
De voorzitter: Minister Moerman heeft het woord.
Minister Fientje Moerman: In 2005 zijn er geen middelen die moeten worden herbestemd, omdat we in afwachting van de evaluatie het bedrag op nul hebben gebracht. In 2004 was er 10 miljoen euro uitgetrokken. Of en op welke wijze we ermee doorgaan, zal afhangen van de evaluatie.
Mijnheer Van Goethem, de 3-percentnorm voor onderzoek en ontwikkeling is een Europese doelstelling. Zou de doelstelling vlugger moeten worden bereikt? Misschien wel. Is dat haalbaar? Als we in 2010 die 3 percent halen, zullen we heel mooi werk hebben verricht.
Het is een gezamenlijke inspanning van de overheid en de bedrijven. De jongste cijfers van het bedrijfsleven want een aantal cijfers moesten worden herberekend omdat er in het verleden te veel was gextrapoleerd zijn naar beneden herzien. Het bedrijfsleven zit nu rond 1,6 percent, terwijl die mensen vroeger stelden dat het om 1,8 percent ging.
In mijn beleidsnota staat duidelijk dat we, in het streven naar het groeipad tot 3 percent, jaarlijks stappen vooruit zullen zetten, maar dat we bij de groei van het budget rekening zullen houden met een evenwichtige besteding van de middelen. Daarmee bedoel ik dat het budget op een correcte manier wordt verdeeld tussen alle types van onderzoek, gaande van fundamenteel basisonderzoek, over strategisch basisonderzoek, tot toegepast onderzoek en innovatie. We willen ook een evenwicht behouden met betrekking tot de bestemmelingen en het type van maatregelen.
Een aantal initiatieven staan op stapel en worden onderworpen aan de adviesprocedures die bij diverse instanties moeten worden doorlopen. In de eerste plaats is dat de Vlaamse Raad voor Wetenschapsbeleid. De maatregelen betreffende het terugkeerbeleid, het Odysseusfonds om toponderzoekers terug te halen naar Vlaanderen, zijn al voor advies overgemaakt aan de VRWB. Het Methuzalemfonds mijn slechte karakter heeft er die naam aan gegeven, omdat de financiering stopt met het emeritaat van de prof vertrekt eerstdaags voor advies naar de VRWB. Dat zijn essentile maatregelen.
Het Vlaams Innovatiefonds dat morgen wordt besproken op de ministerraad is heel cruciaal. We moeten bedrijven of mensen die ideen hebben voor innovatieve toepassingen van de resultaten van onderzoek en ontwikkeling, ook de kennis en het geld verschaffen om die ideen tot ontwikkeling te brengen. Daar dient het Vlaams Innovatiefonds voor, dat een open kapitaalstructuur heeft zodat ook anderen een kapitaalbijdrage kunnen doen. Dat is even cruciaal voor het onderzoekslandschap en het bereiken van de 3-percentnorm als het optrekken van het aantal doctoraatstudenten, het aantal postdocmandaten, het terugkeerbeleid of de structurele financiering van toponderzoek.
We moeten daarin een evenwicht zoeken. De manier waarop we het nu aanpakken, zal ertoe leiden dat er een mooi evenwicht totstandkomt.
De voorzitter: De heer Van Goethem heeft het woord.
De heer Roland Van Goethem: Als bij het idee van het open fonds spin-offmogelijkheden zijn, zie ik dat misschien wel zitten.
De voorzitter: Het incident is gesloten.